zaterdag 23 februari 2008

Nederlanders bezorgd over Midden-Oosten










Opiniepeiling Nederland over het Israelisch-Palestijns conflict


Door Adri Nieuwhof


Een recente opiniepeiling (november 2006) die TNS NIPO in opdracht van UCP uitvoerde, toont aan dat meer Nederlanders zich zorgen maken over het Midden-Oosten.

De ontwikkelingen in Libanon en de bezette Palestijnse gebieden geven ook alle reden voor zorgen. Het is zaak dat kandidaat-parlementsleden en ministers zich verdiepen in de uitkomsten van deze peiling, want die bieden handvatten voor nieuw beleid.

Palestijnen in Gaza collectief gestraft

Jonh Dugard, de Speciale Rapporteur over de mensenrechten in de Palestijnse bezette gebieden, onderzocht de situatie in Gaza. Uit zijn rapport blijkt dat er gegronde reden waren voor de zorgen over de situatie van de Palestijnen in Gaza. Israël voert sinds 25 juni een keiharde militaire operatie uit in Gaza met bombardementen en enorme knallen van het doorbreken van de geluidsbarriere, met militaire invallen en gerichte moorden. Meer dan 260 Palestijnen, waaronder 58 kinderen, zijn omgekomen en ongeveer 800 Palestijnen zijn gewond geraakt.

Gebouwen zijn vernield en landbouwgronden zijn kaal geslagen. Er is een humanitaire crisis ontstaan door de vernieling van de grootste elektriciteitscentrale, het sluiten van de grenzen en de armoede. Bij de Israëlische acties is geen onderscheid gemaakt tussen militanten en burgers. Kort samengevat, volgens Dugard komt de actie in Gaza neer op het collectief straffen van de Palestijnse bevolking. De disproportionele aanvallen op burgers vormen oorlogsmisdaden, en Israël zelf zou moeten overwegen om de daders hiervoor te vervolgen.

Leven in de Palestijnse bezette gebieden verslechterd

Eind september publiceerde de Birzeit Universiteit in Palestina de resultaten van een opiniepeiling onder Palestijnen uit de Gazastrook en de Westelijke Jordaanoever. Bijna 75 procent van de geïnterviewden zegt dat sinds de verkiezingen begin dit jaar hun levensomstandigheden zijn verslechterd. In Gaza ligt dat percentage nog een paar procent hoger. Bijna de helft van de jonge Palestijnen zegt te willen emigreren.

Uit opiniepeilingen van de An-Najah Universiteit in Nablus komt eenzelfde beeld naar voren. In september 2006 voelt 88 procent van de geïnterviewde Palestijnen uit de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook zich niet veilig in de huidige omstandigheden, dat gevoel geldt zowel voor henzelf als voor hun familie en eigendommen. Dat gevoel is sinds juni 2006 niet veranderd. In juni zegt 67 procent van de Palestijnen in de bezette gebieden dat hun economische positie is verslechterd door de situatie. In september ligt dat percentage met 73,5 procent beduidend hoger. Het verschil is te verklaren door het hardere optreden van Israël.

Meerderheid vindt Nederlandse beleid ‘voor Israël’

Het optreden van het Israëlische leger is niet aan de geïnterviewden voorbij gegaan. 94 procent van de bevolking zegt dat zij via de media wel eens nieuws over het Israëlisch-Palestijnse conflict verneemt.

44 procent van de Nederlanders is van mening dat de Nederlandse regering in het beleid vooral ‘voor Israël’ is. Slechts 2 procent vindt het beleid van de regering vooral ‘voor de Palestijnen’.

40 procent van de Nederlanders vindt dat het Nederlandse beleid rond het conflict tussen Israël en de Palestijnen moet veranderen.

Gelijke monniken, gelijke kappen

Europa boycot de Palestijnse regering en heeft de financiële steun stopgezet. Europa vindt dat de Palestijnse regering eerst geweld moet afzweren, akkoorden uit het verleden moet accepteren en de Staat Israël moet erkennen. Bijna de helft van de Nederlanders steunt dit standpunt. Eén op de vijf Nederlanders vindt dat de Palestijnse regering niet geboycot mag worden.

Maar Nederlanders zijn duidelijk over het principe van gelijke monniken, gelijke kappen: 64 procent vindt dat de Nederlandse regering gelijke voorwaarden moet stellen aan zowel de Israëlische als de Palestijnse regering.

Drukmiddelen gerechtvaardigd

Tweederde van de Nederlanders vindt dat Nederland drukmiddelen moet gebruiken om ervoor te zorgen dat de mensenrechten worden gerespecteerd, de democratie wordt bevorderd en het vredesproces wordt ondersteund. Dit geldt zowel voor de Palestijnse als de Israëlische regering. Een wapenembargo scoort het hoogst, 57 procent van de ondervraagden noemt dit als geschikt drukmiddel. Daarna volgt een beperking van handelsvoordelen (36 procent). Voor de beperking op de in- en uitvoer loopt het percentage uiteen, 31 procent noemt het als drukmiddel voor Israël en 25 procent voor Palestina. Verder is 23 procent voor het bevriezen van politieke contacten en 14 procent voor het uitwijzen van diplomaten. 16 procent is voor het opzeggen van wetenschappelijke en culturele samenwerking met Israël.

VN-vredesmacht in Gaza

Eind december 2005 vond 59 procent van de Nederlanders dat Israël en de Palestijnen het conflict onderling moeten oplossen. Een derde vond dat andere groepen moeten ingrijpen. In de nieuwe peiling is de helft van de Nederlanders voor het instellen van een internationale VN-vredesmacht in de Gazastrook. Het is duidelijk dat de Nederlanders bezorgd zijn over de situatie van de Palestijnen in Gaza.

Koerswijziging

Uit diverse rapporten van internationale mensenrechtenorganisaties over de situatie in de bezette gebieden en uit de opiniepeilingen onder Palestijnen die in de bezette gebieden leven blijkt duidelijk dat de al relatief slechte kwaliteit van leven nog verder achteruit gaat. De zorgen om eigen veiligheid en de dagelijkse leefomstandigheden zijn groot. Nederlanders zijn er duidelijk over dat de Nederlandse regering drukmiddelen mag inzetten om respect voor mensenrechten af te dwingen, ook drukmiddelen die op Israël zijn gericht.

Nederlanders willen ook dat er door een VN-vredesmacht wordt ingegrepen in Gaza. Het is de hoogste tijd voor een koerswijziging in het Nederlands beleid naar het Midden-Oosten.


-Opiniepeiling Nederlanders over het Israëlisch-Palestijnse conflict (december 2006)


Samenvatting TNS NIPO Opiniepeiling 2006


TNS NIPO heeft in opdracht van UCP een onderzoek gedaan naar de mening van

Nederlanders over het Israëlisch-Palestijnse conflict. Dit onderzoek heeft in de periode van 6 t/m 14 december 2006 plaatsgevonden. Voor het onderzoek zijn 1001 respondenten ondervraagd. Indien relevant en waar mogelijk, worden de resultaten in deze samenvatting vergeleken met de resultaten uit het onderzoek uit 2005.

Hieronder volgt een korte samenvatting van het onderzoek:

Berichtgeving over en bekendheid van het conflict
Ruim de helft van de Nederlanders (58%) zegt vaak iets te zien, horen of lezen over het conflict. Drie op de tien Nederlanders (29%) krijgen zo nu en dan informatie over dit conflict uit de media. Een op de acht Nederlanders (12%) hoort zelden of nooit iets over het conflict.


Iets meer dan de helft van de Nederlanders (55%) vindt de berichtgeving over het conflict in het Midden-Oosten neutraal. Meer Nederlanders vinden dat de berichtgeving partijdig is in het voordeel van Israël (19%) dan dat er Nederlanders zijn die vinden dat de berichtgeving in het voordeel van de Palestijnen is (10%).


Meer Nederlanders ten opzichte van vorig jaar die de bouw van de muur op bezet Palestijns gebied onaanvaardbaar vindenZeven op de tien Nederlanders (69%) vinden het (volkomen) onaanvaardbaar dat Israël een muur in bezet Palestijns gebied bouwt (2005: 60%).

De helft van de Nederlanders (49%) vindt het zelfs volkomen onaanvaardbaar. Twee derde van de Nederlanders (66%) vindt dat de Nederlandse regering druk op Israël moet uitoefenen om ervoor te zorgen dat Israël zich aan de uitspraak van het Internationaal Gerechtshof houdt. Een kwart van de Nederlanders (26%) is het hier niet mee eens. Niet alleen Israël en de Palestijnse Autoriteit is verantwoordelijk voor het voortduren van de bezetting, maar ook de internationale gemeenschap.

Bijna een derde van de Nederlanders (31%) vindt dat Israël en de Palestijnse autoriteit evenveel blaam treft voor het voortduren van de bezetting van de Palestijnse gebieden. Volgens één op de vijf Nederlanders (19%) ligt de schuld voornamelijk bij de internationale gemeenschap. Iets minder mensen (17%) vinden dat Israël kan worden aangewezen als hoofdzakelijk schuldige en één op de tien Nederlanders (9%) houdt de Palestijnse autoriteit verantwoordelijk.

De internationale gemeenschap moet meer ingrijpen met diplomatieke middelen en het sturen van internationale waarnemers dan met gerichte sanctiesRuim twee derde van de mensen die vinden dat de internationale gemeenschap moet ingrijpen (36%), vindt dat diplomatie (bijvoorbeeld het houden van een internationale vredesconferentie) de oplossing biedt (2005: 32%). Eén op de vijf vindt dat er internationale waarnemers gestuurd moeten worden (20%), dit was ook het geval in 2005 (21%). Eén op de zeven mensen (14%) zien heil in gerichte sancties (inclusief boycotten is dit 15%, versus 10% in 2005).

De meerderheid van de Nederlanders vindt dat de Nederlandse regering zich niet afzijdig moet houden wanneer mensenrechten worden geschondenTwee derde van de Nederlanders vindt dat de Nederlandse regering zich niet afzijdig moet houden (65%) wanneer in het Israëlisch-Palestijnse conflict mensenrechten worden geschonden (2005: 59%). Drie op de tien Nederlanders (30%) vinden van wel (2005: 32%).

Een ruime meerderheid van degenen die vinden dat Nederland moet ingrijpen, vindt dat Nederland zowel tegen Israël als tegen de Palestijnse Autoriteit moet optreden. Bijna een op de zeven Nederlanders (15%) vindt dat alleen tegen Israël moet worden opgetreden en 5% vindt dat alleen tegen de Palestijnse Autoriteit moet worden opgetreden.

De meerderheid van de Nederlanders vindt dat de Nederlandse regering Israël onder druk moet zetten om de illegale nederzettingen te ontruimenTwee derde van de Nederlanders (67%) is van mening dat de Nederlandse regering Israël onder druk moet zetten om de illegale nederzettingen te ontruimen.Drie op de tien Nederlanders (31%) vinden dat dit met zowel economische als politieke middelen dient te gebeuren en drie op de tien (30%) vinden dat dit alleen met politieke middelen moet gebeuren.


Slechts 6% vindt dat alleen economische middelen moeten worden ingezet. Bijna een op de vijf Nederlanders (18%) vindt dat Israël helemaal niet onder druk hoeft te worden gezet om haar nederzettingen te ontruimen. De meerderheid van de Nederlanders vindt dat Nederlandse bedrijven niet mogen handelen met of investeren in nederzettingen en de meerderheid vindt bovendien dat deze bedrijven aangepakt moet worden door de Nederlandse overheid.

Zeven op de tien Nederlanders (71%) vinden dat Nederlandse bedrijven niet mogen handelen met of mogen investeren in illegale nederzettingen. Drie op de vijf Nederlanders (62%) vinden dat de Nederlandse overheid de bedrijven die dat wel doen moet aanpakken. Bijna de helft (48%) van degenen die vinden dat de overheid maatregelen moet nemen, vindt dat handel met en het investeren in de illegale nederzettingen verboden moet worden.


Een kwart (24%) wil dat de betreffende bedrijven financieel onder druk worden gezet door de overheid. Eveneens een kwart (25%) meent dat de overheid de bedrijven moet aanmoedigen hun investeringen in en handelsrelaties met de nederzettingen te staken. Ruim de helft van de Nederlanders vindt dat Nederlandse consumenten producten uit bezette gebieden moeten boycotten.

Bron: http://www.docjazz.com/dutch/Joomla/content/view/88

donderdag 21 februari 2008

PROTESTMANIFESTATIE 23 FEBRUARI, GAZA OPEN: MUREN SLOPEN!








































































PROTESTMANIFESTATIE 23 FEBRUARI, GAZA OPEN: MUREN SLOPEN!

Op zaterdag 23 februari van 13 tot 15 uur organiseren diverse organisaties in navolging van een oproep van de Palestijnse Gemeenschap Nederland een protestmanifestie op het Haagse Buitenhof. Het NPK is een van de deelnemende organisaties.


Israel blokkeert de Gazastrook en laat bijna 1,5 miljoen burgers kreperen. In december heeft Israel met dagenlange luchtaanvallen meer dan dan 70 mensen gedood, waaronder veel kinderen en vrouwen.Tot overmaat van ramp sloot Israel de elektriciteit af in het overbevolkte Gaza.

Het was hoopgevend dat deze impasse een onverwachte wending kreeg toen het volk, uit wanhoop en niet langer wachtend, het heft in eigen handen nam: tienduizenden Palestijnen hebben de muur van Gaza aan de Egyptische kant doorbroken en stroomden naar buiten. 'Als Gaza de grootste gevangenis ter wereld is, dan is dít de grootste gevangenisuitbraak' zei het een commentator van Aljazeera.

De noodtoestand in Gaza staat niet op zichzelf. Ondanks vele loze woorden worden land, lucht en zee nog altijd door Israel gecontroleerd. De bezetting in de Westelijke Jordaanoever met Apartheidsmuur en ruim 450.000 kolonisten houdt de Palestijnen daar in een soortgelijke wurggreep. De internationale gemeenschap en de Nederlandse regering lieten Gaza in het donker en aan haar lot over, zoals alle Palestijnen al 60 jaar overkomt ondanks hun steunend volkenrecht.

Na de korte vrijheid is de grens met Egypte weer gesloten; ook vrezen honderdduizenden burgers dat het licht ieder moment weer uitgaat en de voorraden opgaan. Israel laat ondertussen de hulpgoederen voor Gaza niet toe. De vraag naar solidariteit en de roep om protest is nu groter dan ooit. Ook in Nederland willen we onze stem laten horen. Kom daarom ook naar de protestmanifestatie!

Download hier de twee kanten van de flyer,
kant 1 en kant 2

Gaza vergaat, Nederland slaapt



Strijder voor een volk in verdrukking


Interview Wegener Dagbladen, 9 februari 2008


Woede en schaamte vervullen Dries van Agt. Woede om het lot van de Palestijnen, woede over hoe hij door zijn tegenstanders wordt weggezet. En schaamte over de rol van Europa, dat aan de basis stond van het conflict in het Midden-Oosten.Als hij het daarover heeft, verandert zijn ontspannen toon. Dan buigt hij zich voorover en wordt fel.Dries van Agt. In de jaren '70 keek hij, tot ergernis van zijn opponenten, wat laconiek naar het politieke bedrijf. Anno 2008 zit een gepassioneerd mens aan tafel.


"Het gaat nu om heel andere dingen. In de Nederlandse politiek gaat het veelal om probleempjes in de marge van onze mateloze welvaart. Maar in de zaak van de Palestijnen gaat het om het vertrappen van het internationaal recht. Israël vergrijpt zich daar in ernstige mate aan. Dat begint al met het bezet houden van Palestijns land, nu al meer dan 40 jaar. Israël stelt dat het geen bezet gebied is, maar omstreden gebied. Zo wil het onder het internationaal recht uitkomen."


Daar komt bij dat de afscheidingsmuur (constructie van hekken, prikkeldraad, muren, greppels, torens en poorten van ruim 600 km tussen de Westoever en Israël, waarmee Israël infiltraties van Palestijnse terroristen wil voorkomen red.) grotendeels is gebouwd in bezet gebied, niet alleen op Israëls grondgebied zelf.


Het Internationaal Hof van Justitie heeft stellig gezegd dat de muur onrechtmatig is. Ook acht het Hof de nederzettingen op Palestijns land strijdig met het internationaal recht. Israëls regering heeft deze uitspraak meteen van tafel geveegd. Dat maakt me laaiend."


De woede begon bij Van Agt in 1999. "In dat jaar namen mijn vrouw en ik deel aan een pelgrimage van christenen naar het Heilig Land. In Bethlehem raakte ik in gesprek met de Amerikaanse rector van de Bethlehem University. Van hem kreeg ik voor het eerst te horen in welke deplorabele situatie de Palestijnen zich bevinden. Dat opende me de ogen. Ik ben me in de kwestie gaan verdiepen en trof verschrikkelijke dingen aan.


"Vooral één verhaal maakte indruk op Van Agt toen hij enkele jaren later weer de Bethlehem University bezocht. " Eén van de studenten kwam veel te laat op het examen. Daarover gekapitteld, deed hij een aangrijpend verhaal. Aangekomen bij het laatste checkpoint wilde hij uit zijn auto stappen om zijn papieren te tonen. Maar hij werd door de wachters toegeschreeuwd dat hij de deur dicht moest houden en uit het raampje naar buiten moest klimmen. Zo begon de vernedering. Hij tuimelde op de grond en kreeg het bevel dat hij op handen en voeten naar het kantoor moest kruipen. Toen hij dat deed, werd hem toegeroepen dat hij moest blaffen als een hond. De absolute vernedering. Uiteindelijk heeft hij dat gedaan, hij had geen keus. Toen steeg er uit het kantoortje hoongelach op en werd er geroepen: 'we hebben het altijd al gezegd, Palestijnen zijn honden'. Toen ik dit hoorde dacht ik, nu ga ik all-out.


"Van Agt werd strijder voor de rechten van de Palestijnen. Hij wijst in opinie-artikelen en tijdens voordrachten op hun lijden. Sinds december voert hij ook strijd via zijn website www.driesvanagt.nl en hij werkt aan een boek over hun lot."


Het wordt een boek over mijn persoonlijke ervaringen, waaraan ik feitelijke informatie vastknoop."Van Agt kwam in 1982 voor het eerst echt in aanraking met het conflict in het Midden-Oosten toen hij een klein half jaar naast premier ook minister van Buitenlandse Zaken was. "In die periode hadden de slachtingen in de Palestijnse vluchtelingenkampen Sabra en Shatila in Zuid-Libanon plaats. Dat gebeurde door Libanese milities, maar onder toezicht en met kennelijke instemming van het Israëlische leger. Die moordpartijen schokten me.


"Toch was Van Agt Israël goed gezind in de tijd dat hij aan de macht was."


Daar hebt u gelijk in, mijn beste. Ik heb toen niet goed tot me laten doordringen wat er aan de hand was. Maar de situatie was bij lange na niet zo dramatisch als die nadien is geworden. Toen ik premier werd, was de bezetting tien jaar aan de gang. We dachten: 'die bezetting duurt wat lang, maar het komt wel goed'. Dat kun je nu niet meer zeggen. Er was toen ook geen sprake van de afscheidingsmuur. Maar wat ik het kwalijkst vind, is de kolonisatie, de nederzettingenpolitiek. Het begin was er al toen ik premier was, maar het werd niet als begin van veel meer onderkend. Later werd duidelijk dat er een masterplan achter zat om het bezette gebied zoveel mogelijk te behouden en uiteindelijk in te lijven.


"Het werd Van Agt al snel duidelijk dat het conflict in het Midden-Oosten een zeer beladen onderwerp is. Hij weegt zijn woorden dan ook zorgvuldig. Bijvoorbeeld als het gesprek over de Palestijnse aanslagen gaat. Als vreedzame middelen niet helpen, welk recht hebben we dan de Palestijnen te verbieden geweld te gebruiken, vraagt hij zich af. "


Ik keur zelfmoordaanslagen volstrekt af, maar ik kan wel verklaren waarom Palestijnen geweld gebruiken. Het zijn wanhoopsdaden. De golf van zelfmoordaanslagen kwam pas na dat afschuwelijke incident in Hebron, waar de extremist en kolonist Baruch Goldstein in 1994 29 biddende moslims doodschoot. Toen kwam de geest uit de fles, er kwam veel woede los.


"Is er dan geen kritiek mogelijk op de Palestijnen. Bijvoorbeeld op de raketbeschietingen vanuit de door Israël ontruimde Gazastrook?"


Van Agt: "Die zijn zeer afkeurenswaardig en in strijd met het internationaal recht. Maar ik wil twee kanttekeningen maken. De eerste gaat over proportionaliteit. Volgens de Israëlische mensenrechtenorganisatie B'Tselem kostten de beschietingen op Sderot en omgeving de afgelopen vier jaar dertien Israëliërs het leven. Geen misverstand, dat zijn er dertien teveel. Maar aan Palestijnse zijde, zegt B'Tselem ook, zijn alleen al in 2006 en 2007 meer dan duizend Palestijnen gedood. Dat is disproportioneel. Ten tweede is er de kwestie van oorzaak en gevolg. Israël houdt de Gazastrook al twee jaar in een wurggreep. De grens wordt vrijwel dicht gehouden voor mensen en goederen. Er is gebrek aan alles. Ik geloof oprecht dat die beschietingen misdadig zijn, maar het is een gevolg van het feit dat een volk bekneld zit.


"Maar de beschietingen hebben geen militair nut. Is het niet verstandiger dat de Palestijnen met internationale hulp een welvarende en vreedzame samenleving in de Gazastrook op bouwen?"


U hebt de logica volledig aan uw zijde. Maar als mensen door emoties overweldigd worden, zijn ze niet meer vatbaar voor logica. Ik ben er van overtuigd dat de Palestijnen hun verzet staken als ze een eigen staat krijgen met de grens van voor 1967, die internationaal erkend is. De Palestijnse bevolking, de miserie van oorlog en bezetting meer dan beu, zal de radicalen dan intomen."Bijzonder kwalijk vindt Van Agt de rol van Europa. De Europese mogendheden trokken in de vorige eeuw de grenzen in het Midden-Oosten zonder zich iets van de plaatselijke bevolking aan te trekken. En de Holocaust, het vernietigen van het joodse volk door de nazi's en de schuldige nalatigheid in andere landen, speelde zich op Europese bodem af. "Het is de historische schuld van Europa, waar we nu de Palestijnen de prijs voor laten betalen. Dat is het opperste onrecht.


"Ook zelf valt hem onrecht ten deel, vindt Van Agt. Zijn tegenstanders dragen hem nog steeds na dat hij zichzelf ooit ariër noemde."


Dat is 37 jaar geleden.


"Of dat hij zich niet inzet voor het lot van Tibetanen en inwoners van Darfur?"


Ik kan me niet voor ieder verdrukt volk inzetten, ik heb hier de handen vol aan. Bovendien heeft Europa geen historische schuld jegens Tibet en Darfur.


"En, zeggen zijn critici, onder het bewind van Van Agt is de Nederlandse ambassade van Jeruzalem naar Tel Aviv verplaatst."


Dat geschiedde op basis van een besluit van de Verenigde Naties, genomen nadat Israël, in strijd met het internationaal recht, Oost-Jeruzalem had geannexeerd. Meer landen verplaatsten hun ambassade, Nederland was niet het enige land.


"Zulke aantijgingen maken Van Agt boos, 'vuig' noemt hij ze. Maar er zijn ook positieve reacties."


Weet je wat mij ontzettend goed doet, bemoedigt, aandrijft? Dat zijn vooral Joodse mensen, in Israël en Nederland, die zelf even boos en verdrietig zijn over de bezetting en het onrecht, die me laten weten dat ik moet doorgaan. Ik word een zekere kentering in de publieke opinie gewaar. Ik heb geen politieke macht meer, dat is jammer. Maar ik ervaar nog wel enig gezag. Het gaat er nu om de publieke opinie te mobiliseren. Ik wil dat de mensen beseffen hoe dramatisch en onrechtvaardig het is wat in het Palestijnse land gebeurt."





Internationaal recht



Tot het internationaal publiekrecht (hier verder te noemen ‘internationaal recht’) behoren het humanitaire oorlogsrecht en de mensenrechten. Het humanitaire oorlogsrecht is vanaf 1864 ontwikkeld. De mensenrechten zijn pas vanaf 1945 vastgelegd. Beide rechtsgebieden hebben een intensieve ontwikkeling doorgemaakt als gevolg van de excessen die tijdens de Eerste en Tweede Wereldoorlog hebben plaatsgevonden, met als inzet dat die zich nooit meer zullen herhalen.



Humanitair oorlogsrecht


Terwijl de mensenrechten zowel in vredes- als oorlogstijd gelden, is het humanitaire oorlogsrecht alleen van toepassing tijdens gewapende conflicten. Bij het humanitaire oorlogsrecht zijn vooral twee verdragen van belang: het Vierde Haagse Verdrag van 1907 en de Vierde Conventie van Genève van 1949. Het Vierde Haagse Verdrag heeft betrekking op de wijze van oorlogvoering, de Vierde Conventie van Genève op de bescherming van burgers tijdens oorlog en bezetting.

Er is internationale consensus dat beide rechtsbronnen van toepassing zijn op de bezette Palestijnse gebieden: het Vierde Haagse Verdrag omdat Israël effectieve militaire en administratie controle over de Palestijnse gebieden uitoefent, de Vierde Conventie van Genève omdat Israël feitelijk de functies van een regering in deze gebieden uitoefent. Hoewel deze verdragen van toepassing zijn, schort het ernstig aan de toepassing ervan.


Het Vierde Haagse Verdrag verbiedt een bezettende mogendheid om permanente veranderingen aan te brengen in bezet gebied, tenzij deze militair noodzakelijk zijn (in de enge zin van het woord) of worden aangebracht in het belang van de lokale bevolking die onder bezetting leeft. De nederzettingen die Israël vanaf 1967 op grote schaal in de Palestijnse gebieden heeft gebouwd, zijn echter een permanente verandering die militair niet noodzakelijk is en die niet in het belang is van de lokale Palestijnse bevolking.


De Vierde Conventie van Genève verbiedt een bezettende mogendheid om delen van zijn eigen burgerbevolking over te brengen naar bezet gebied (artikel 49). De vestiging van honderdduizenden Israëlische kolonisten in de bezette gebieden, gestimuleerd en gesubsidieerd door opeenvolgende Israëlische regeringen, is onmiskenbaar een ernstige schending van deze conventie. Deze schendingen vergrijpen zich aan het basisprincipe van het humanitaire oorlogsrecht: dat militaire bezetting van tijdelijke aard dient te zijn.



Van wezenlijk belang zijn in het humanitaire oorlogsrecht voorts de principes van ‘onderscheid’ en ‘proportionaliteit’: burgers mogen nooit het doelwit van aanvallen zijn en schade die wordt toegebracht moet in verhouding staan tot het militaire voordeel dat ermee wordt behaald. Ook deze principes zijn en worden stelselmatig door Israël geschonden, met catastrofale gevolgen voor het welzijn van de Palestijnse burgerbevolking. Voor het welzijn van de Palestijnse burgers is Israël als bezettende mogendheid verantwoordelijk, aangezien de Palestijnen – vanwege de bezetting – vitale overheidstaken niet zelf kunnen vervullen.


Op 9 juli 2004 heeft het Internationaal Gerechtshof in Den Haag verklaard dat de bouw van de Muur door Israël op bezet Palestijns gebied in strijd is met het humanitaire oorlogsrecht. Het Hof heeft uitgesproken dat Israël verplicht is deze schending van het recht dadelijk te beëindigen en dadelijk af te breken wat er op bezet gebied gebouwd is. Bovendien is Israël verplicht alle schade te vergoeden die door de wederrechtelijke bouw al aan Palestijnen is toegebracht. Ook heeft het Hof gesteld dat alle staten zich moeten onthouden van het verlenen van hulp of bijstand aan de voortduring van de situatie die door de onwettige bouw is ontstaan. Voorts dat alle staten die partij zijn bij de Vierde Conventie van Genève ervoor moeten zorgen dat Israël de uitspraak naleeft. Aangezien ook Nederland verdragspartij is bij deze Conventie, is deze aanzegging door het Hof ook tot Nederland gericht.



Op de website van het Internationaal Gerechtshof kunt u de uitspraak nalezen.



Op 20 juli 2004 bekrachtigde de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties de uitspraak van het Hof. Alle EU-lidstaten, inclusief Nederland, stemden toen voor de bijbehorende resolutie ES-10/15. Lees meer over het humanitaire oorlogsrecht op de website van het Internationale Rode Kruis, dat toeziet op de naleving van dit rechtsgebied.



MensenrechtenBehalve aan schendingen van het humanitaire oorlogsrecht maakt Israël zich al gedurende decennia schuldig aan schendingen van de mensenrechten van de Palestijnen, zoals verankerd in de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens. Deze verklaring is uitgewerkt in twee internationale verdragen, die in 1966 zijn vastgesteld: het Verdrag inzake Burgerrechten en Politieke Rechten en het Verdrag inzake Economische, Sociale en Culturele Rechten. Kenmerkend voor de mensenrechten is dat deze universeel en ondeelbaar zijn: alle mensenrechten zijn van toepassing op alle mensen.



De hierboven genoemde Muur is een hoofdoorzaak van de mensenrechten-schendingen. Een andere belangrijke oorzaak is het Israëlische nederzettingenbeleid. Dit beleid leidt onder meer tot schendingen van de volgende rechten (bron: Land Grab. Israel’s settlement policy in the Westbank, B’Tselem, mei 2002):



Het recht op eigendom: Israël is in 1979 begonnen zich meester te maken van grote delen van die gebieden (inmiddels meer dan 40%), veelal door deze tot state land te verklaren. Palestijns land is op grote schaal in beslag genomen, zonder dat de Palestijnse eigenaren daarvan op de hoogte waren en in beroep konden gaan. Vooral in Oost-Jeruzalem heeft de stichting van nederzettingen geleid tot grootschalige onteigeningen van land dat Palestijns privé-bezit was.



Het recht op huisvesting en een adequate levensstandaard: het planningsysteem dat Israël in de bezette gebieden toepast, is discriminerend. Dit systeem kent vergunningen toe aan kolonisten voor de bouw en uitbreiding van nederzettingen en de aanleg van aparte wegen, terwijl veel Palestijnen geen vergunningen krijgen om op hun eigen land te bouwen. Huizen die zonder vergunning door Palestijnen worden gebouwd, worden door Israël vernietigd, ook als die gebouwd zijn op land dat Palestijns privé-bezit is. Daarnaast heeft Israël honderdduizenden bomen en grote stukken agrarisch land vernietigd, vaak onder het mom van veiligheid. Deze vernietigingen hebben meestal te maken met de belangen van nederzettingen.



Bewegingsvrijheid: na het begin van de Tweede Intifada (volksopstand) in de bezette gebieden in oktober 2000 heeft Israël de bewegingsvrijheid van de Palestijnse burgerbevolking drastisch beperkt. Anno 2007 zijn er honderden controleposten en wegversperringen in de bezette gebieden, die Palestijnse voetgangers en automobilisten ernstig hinderen. Bovendien worden de Palestijnen herhaaldelijk onderworpen aan uitgaansverboden. Deze (en andere) maatregelen hebben de Palestijnse economie verwoest. Ook belemmeren zij de toegang tot scholen en ziekenhuizen.


Het recht op vrije beschikking over natuurlijke hulpbronnen: het Israëlische nederzettingen-beleid maakt inbreuk op het recht van de Palestijnen om hun natuurlijke hulpbronnen zelf te beheren. Een voorbeeld. Er wonen slechts een paar duizend kolonisten in de bezette Jordaan-vallei, terwijl bijna de gehele vallei tot state land is verklaard en dus niet beschikbaar is voor Palestijns gebruik. De Palestijnen kunnen dit uitgestrekte en vruchtbare gebied niet inzetten voor agrarische of industriële doeleinden. Bovendien hebben zij vrijwel geen toegang tot de waterbronnen in dit gebied.


Het recht op gelijkheid: met uitzondering van het geannexeerde Oost-Jeruzalem heeft Israël de status van de bezette Palestijnse gebieden niet formeel veranderd. In de praktijk is het Israëlische recht echter van toepassing op de kolonisten en nederzettingen. Zij zijn als het ware door Israël ingelijfd. Omdat de Palestijnen in hetzelfde gebied zijn onderworpen aan een apart rechtssysteem, is er sprake van een situatie van juridische scheiding en discriminatie die sterk doet denken aan Apartheid Zuid-Afrika: in één gebied bestaan twee gescheiden rechtssystemen, waarbij de nationaliteit van iemand bepaalt onder welk systeem hij of zij valt en welke zijn of haar rechten en plichten zijn.



Het recht op zelfbeschikking: de nederzettingen zijn een groot obstakel voor de realisatie van het recht op zelfbeschikking van de Palestijnen, dat door de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties is erkend. De naar schatting 200 nederzettingen in de bezette gebieden onderbreken de territoriale aaneengeslotenheid van de Palestijnse dorpen en steden. Mochten deze nederzettingen niet worden ontmanteld, is het ontstaan van een soevereine en levensvatbare Palestijnse staat uitgesloten.

Lees meer over Israëls mensenrechtenbeleid in de rapportages van het Euro-Mediterrane Mensenrechten Netwerk (EMHRN): rapportage 2004-05, rapportage 2005-06.





Gaza vergaat, Nederland slaapt


Column Dries van Agt, 18 februari 2008

Onze minister voor Ontwikkelingssamenwerking Bert Koenders heeft de Israëlische blokkade van de Gazastrook veroordeeld als het collectief straffen van de Palestijnse burgerbevolking. Maar onze minister van Buitenlandse Zaken Maxime Verhagen schuwt zulke bewordingen, blijkbaar uit vrees Israël te betichten van een zwaar vergrijp tegen het internationale humanitaire recht.


De CDA fractie in de Tweede Kamer onderschrijft het oordeel van minister Koenders evenmin, dat klinkt door uit inmiddels gestelde vragen over diens uitlatingen. Het is zeer betreurenswaardig dat deze fractie zich kennelijk distantiëert van de Leidse emiritus hoogleraar Prof. Dugard, die in zijn hoedanigheid van VN rapporteur voor mensenrechten in de Palestijnse gebieden de Israëlische acties in Gaza heeft gekwalificeerd als ernstige oorlogsmisdaden waarvoor politieke en militaire overheidsfunctionarissen vervolgd en bestraft behoren te worden.


Pal na de totale afgrendeling van Gaza in januari kwam minister Verhagen op bezoek bij de Israëlische regering. Heeft hij daar de verantwoordelijken voor de humanitaire crisis in Gaza de mantel uitgeveegd? Allerminst, veeleer heeft hij de door Israël bedreven wandaad met de mantel van begrip en persoonlijke genegenheid bedekt. Met de Israëlische minister van Defensie Barak, die verantwoordelijk is voor de recente legeracties in de Gazastrook, ging Verhagen lachend op de foto.


Na zijn terugkeer in Nederland hield Verhagen aan de universiteit van Utrecht een rede over zijn mensenrechtenstrategie. Daarin deelde hij mede dat hij met zijn Israëlische collega ook de situatie in Gaza had besproken. Hij had begrip getoond voor Israëls zorgen op het gebied van veiligheid, zij het onder de aantekening “dat gelegitimeerde veiligheidsmaatregelen wel proportioneel moeten zijn en zich niet tegen onschuldige burgers mogen richten”. En hij had “gepleit voor het openstellen van de grenzen”.


Pleiten, vragen of de bezetters misschien zo goedgunstig zouden willen zijn om een einde te maken aan wat ook Israëlische vredesactivisten een misdaad noemen, is dat alles wat onze minister, die het opkomen voor mensenrechten boven in zijn vaandel voert, weet uit te brengen?


Tijdens die crisisdagen heeft onze bewindsman in Israël de Herzliya-conferentie toegesproken en daarin ondermeer gezegd dat de Europese Unie haar betrekkingen met Israël zou moeten verinnigen en verdiepen! Bij het lezen van die passage vielen mij de ogen uit de kassen.


Intussen gaat het roven van Palestijns land onverminderd voort. De Israëlische krant Ha’aretz berichtte onlangs dat in Oost-Jeruzalem, bezet gebied dus, weer 200 nieuwe woningen in nederzettingen in aanbouw zijn genomen. Om daarvoor plaats te maken, moeten de huizen van tientallen Palestijnse gezinnen worden afgebroken. Dit bouwplan heeft ten doel, zegt een Israëlische parlementariër, om een aaneengesloten strook met Joods-Israëlische bewoning om de Oude Stad heen te leggen, waardoor deze niet langer verbonden zal zijn met Palestijnse wijken.


Voortgaande verbrokkeling dus van bezet gebied, alweer een annexatie. De Annapolis-conferentie in november 2007 blijkt na het Oslo-proces in de jaren negentig en de Routekaart naar Vrede andermaal een luchtspiegeling te zijn geweest, het Olmert/Abbas overleg is een zinloos ritueel. Om het lot en de rechten van de Palestijnen bekommert zich vrijwel geen enkele machthebber ter wereld.


woensdag 20 februari 2008



Platformtekst voor boycot, desinvestering en sancties tegen Israël


Sinds 1967, al bijna 40 jaar lang, bezet Israël de Palestijnse Westelijke Jordaanoever (inclusief Oost-Jeruzalem), de Gazastrook en de Syrische Golanhoogte en blijft het er zijn nederzettingen voor joodse kolonisten uitbreiden. Het bezette Oost-Jeruzalem en de Golanhoogte zijn al geannexeerd, nu worden met de Muur de facto belangrijke grote delen van de Westelijke Jordaanoever bij Israël ingelijfd. Terwijl de nederzettingen in de Gazastrook in augustus 2005 werden ontruimd, breidden die op de Westelijke Jordaanoever verder uit. De staat Israël is in 1948 opgericht op voornamelijk etnisch gezuiverd land - gezuiverd van zijn Palestijnse eigenaars. Vandaag zijn de meeste Palestijnen vluchteling, de meerderheid van hen is zelfs staatloos. Ook tegenover zijn eigen Arabisch-Palestijnse burgers voert Israël nog altijd een politiek van systematische discriminatie.



Israël maakt zich hiermee voortdurend schuldig aan schendingen van het Internationaal Recht. Sinds 1948 hebben talrijke VN-resoluties het koloniale en discriminerende beleid van Israël illegaal verklaard en opgeroepen tot uitvoering van die resoluties. Op 9 juli 2004 werd de Muur die Israël op bezet Palestijns gebied bouwt evenals alle nederzettingen illegaal verklaard in het Advies van het Internationaal Gerechtshof, maar Israël negeert het daaruit voortgekomen VN-besluit van 20 juli 2004 en blijft gewoon verder bouwen. Internationale bemiddeling en vredesbesprekingen zijn onvoldoende gebleken om van Israël respect voor het internationaal humanitair recht en de mensenrechten af te dwingen, en de bezetting en verdrukking van het Palestijnse volk te doen eindigen.



Toch heeft de internationale gemeenschap in het verleden al de verantwoordelijkheid op zich genomen om onrecht te bestrijden, zoals in de strijd tegen de Apartheid in Zuid-Afrika. Diverse vormen van boycot, het terugtrekken van investeringen en politieke sancties steunden toen de strijd van de Zuid-Afrikanen tegen Apartheid en gaven zo blijk van internationale solidariteit bij het consequent hanteren van morele maatstaven en verzet tegen onrechtvaardigheid en onderdrukking.



Verschillende vertegenwoordigers van de Palestijnse burgermaatschappij hebben organisaties uit het internationale maatschappelijk middenveld en bewuste burgers over de hele wereld opgeroepen tot een breed gedragen boycot en initiatieven van desinvestering tegen Israël, gelijkaardig aan die tegen het voormalige Apartheidsregime in Zuid-Afrika. We scharen ons hierachter en doen daarbij een beroep op elke bewuste burger om bij de eigen staat te pleiten voor embargo’s en sancties tegen Israël. Daarbij doen we een oproep aan elke individuele consument om zelf een voorbeeld te stellen en niet langer Israëlische producten te kopen.


Dit is een geweldloze actie die moeten doorgaan totdat Israël zijn verplichtingen nakomt, het onvervreemdbare recht op zelfbeschikking van het Palestijnse volk erkent en zich volledig aan de internationale rechtsregels houdt. We eisen dat Israël:

de bezetting en kolonisatie van alle Arabisch land dat het sinds 1967 bezet, beëindigt en de Muur ontmantelt conform het advies van het Internationaal gerechtshof;

het fundamentele recht op volledige gelijkheid van de Arabisch-Palestijnse burgers van Israël erkent;



het recht van de Palestijnse vluchtelingen om terug te keren naar hun huizen en eigendommen en het recht op compensatie –zoals vastgelegd in VN-resolutie 194- respecteert, beschermt en bevordert.

Deze tekst is gebaseerd op de oproep tot boycot, desinvestering en sancties tegen Israël van 9 juli 2005, onderschreven door Palestijnse politieke partijen, vakbonden, verenigingen, coalities en organisaties, die de 3 belangrijkste groepen van het Palestijnse maatschappelijk middenveld vertegenwoordigen: Palestijnse vluchtelingen, Palestijnen onder bezetting en Palestijnse burgers van Israël.

© Oorspronkelijke Engelse tekst gepubliceerd in:
“Al Majdal”, driemaandelijks tijdschrift van Badil Resource Center for Palestinian Residency and Refugee Rights, Betlehem, nr, 26, zomer 2005, p. 61-62
www.badil.org

Vertaling: Tiene Holvoet


Bewerking: Soetkin Desmet, Tobias Van Os, Ine Pieters, Wim Lankamp



Lucas Catherine, specialist Midden-Oosten en ondermeer auteur van "Palestina. De laatste kolonie?":


Stelling: Zionisme wil apartheid zoals in Zuid-Afrika


"Dat Israël's invasie van Libanon en Gaza om méér gaat dan "ontvoerde soldaten gaan redden", is intussen duidelijk. Maar wat is dan in feite Israël's game plan?


Lucas Catherine: De Israëlische premier Ehud Olmert wil net als Sharon eenzijdig en voorgoed de grenzen van Israël opleggen. Elk vredesproces is voor hen bullshit. In hun strategie past het consolideren van de Joodse kolonies in Palestina, ook al moesten ze enkele kleine, onbelangrijke kolonies opgeven. Ook de terugtrekking uit het oninteressante Gaza maakt daar deel van uit, en natuurlijk de bouw van de Muur, waarmee ze de Westelijke Jordaanoever willen omsluiten. Olmert wil de scheiding met de Palestijnen definitief maken, hij aanvaardt achter de oostgrens van Israël (de Westelijke Jordaanoever) alleen een zwakke Palestijnse Autoriteit. Met de verkiezingsoverwinning van Hamas is dat plan mislukt. Vandaar de aanval van Israël in Gaza, een bolwerk van Hamas, en de ontvoering van de ministers en parlementsleden van Hamas. Ook achter de grens met Libanon wil Israël een zwakke entiteit. Maar daar zit nu dus Hezbollah, dat Israël in 2000 al eens verplichtte zich terug te trekken. Daarom wordt nu Hezbollah aangepakt.



De staat Israël voert het zionisme in zijn vaandel. Kan je dat eens uitleggen?



Lucas Catherine: De essentie van het zionisme is dat het een koloniaal project en een koloniale praktijk is. De term zionisme verwijst naar de berg Sion, een van de 7 heuvels van Jeruzalem. Dat staat dus voor een mythisch verlangen terug te keren naar het bijbelse land. Hoe is het zionisme ontstaan? Eeuwenlang zijn de Joden in Europa vervolgd, met de kruistochten, de Inquisitie, de nazi's. Een deel van hen reageerde door te besluiten: "Eigenlijk hebben ze gelijk, wij horen niet thuis in Europa, laten we terugkeren naar waar we 2.000 jaar geleden vandaan zijn gekomen." Wat natuurlijk een absurditeit is, je kan de enorme volksverhuizingen uit de geschiedenis niet weggommen. Wij hier komen eigenlijk uit de Kaukasus, maar ze zouden daar nogal verschieten, als wij vandaag naar daar zouden terugkeren! Wel, de Palestijnen verschoten ook toen de zionisten hun land begonnen te koloniseren. Want daarvoor moesten ze eerst wel de oorspronkelijke inwoners, de Palestijnen, verdrijven.


Speelt die problematiek van kolonisatie en vluchtelingen dan mee in de oorlog van vandaag?



Lucas Catherine: Jazeker. De eerste Qassamprojectielen uit Gaza werden afgeschoten op Sederot, een Joods stadje dat werd gesticht op de plaats van het Palestijnse dorp Najd. De inwoners werden verdreven naar de Gazastrook. Het zijn hun kinderen die nu projectielen schieten naar Sederot. In Haifa werden in 1948 65.000 Palestijnen verdreven naar Libanon. Hun kinderen steunen Hezbollah, dat nu de haven en het spoorwegdepot van Haifa beschiet.

Israël is door kolonisatie ontstaan en koloniseert nog iedere dag verder, en dat levert koloniaal denken op, zoals: het leven van één Europese Jood is minstens even veel waard als dat van tien Arabieren. Daarom malen de Israëli's absoluut niet om de honderden Libanese burgerdoden en beschieten ze ongegeneerd burgerdoelwitten.


Het zionisme is ook racistisch, sterk vergelijkbaar met de apartheid van Zuid-Afrika, met pasjeswetten en al. Belgische joden mogen zonder enige plichtplegingen emigreren naar Israël, zelfs naar de Bezette Palestijnse Gebieden, maar Palestijnse vluchtelingen die in Gaza, de Westelijke Jordaanoever of Libanon leven, mogen niet terug naar de grond in Jaffa of Akka waar ze de wettige eigenaar van zijn. Waarom mag een Amsterdammer of een Brusselaar emigreren terwijl een Palestijn uit Libanon niet terug naar huis mag?



Israël's oorlog tegen Libanon heeft de volle steun van de Verenigde Staten. Waarom?
Lucas Catherine. De VS hopen dat ze hun idee van democratie in het "nieuwe" Midden-Oosten in Libanon kunnen uitproberen, nadat het al volkomen mislukt is in Afghanistan en in Irak. Via Israël's oorlog in Libanon hopen ze ook Iran te verzwakken en het Syrisch regime te destabiliseren.



Het zionisme heeft zich trouwens altijd aangeschurkt tegen een imperialistische grootmacht. Een van de grondleggers van het zionisme, de Oostenrijker Theodor Herzl, schreef dat om Palestina te koloniseren, het nodig zou zijn om "diensten te bewijzen aan de imperialistische staat die zijn overleven garandeert". De kolonisatie van Palestina gebeurde onder de vleugels van een imperialistische grootmacht. Eind 19de eeuw was de hele wereld al verdeeld in invloedssferen. Om een stukje van de koek te krijgen moesten de zionisten dus wel met een bestaande imperialistische grootmacht samenspannen. Chaim Weizman, die later de eerste president van Israël werd, wendde zich in het begin van de 20ste eeuw eerst tot de Ottomaanse heersers, dan tot de Duitse keizer, ten slotte tot het Britse establishment. De Verenigde Staten kwamen pas op de proppen na de Suez-crisis van 1956 (toen Groot-Brittannië, Frankrijk en Israël Egypte aanvielen nadat de Egyptische president Nasser het Suez-kanaal had genationaliseerd). Vanaf 1967, sinds de Zesdaagse Oorlog, is er een nauwe samenwerking tussen het Israëlisch en het Amerikaans militair-industrieel complex. En sinds de val van de Sjah van Iran, in 1979, is de rol van Israël als politieagent van de VS in de regio nog verder toegenomen.


Anders dan de vorige oorlogen van Israël



De enorme en hoogst dodelijke vuurkracht van het Israëlisch leger lijkt overweldigend, maar Lucas Catherine oordeelt dat de oorlog niet goed loopt voor Israël: "Een militaire analyst in de krant Haaretz herinnert eraan dat de legerleiding beloofd had de klus om Hezbollah te vernietigen binnen de week te klaren. Vandaag (3 augustus, nvdr) is het de 23ste dag van de oorlog. Zo'n lange oorlog is het trotse Israël helemaal niet gewoon. Het won de Zesdaagse Oorlog van 1967 in, jawel, zes dagen. De Yom Kippoer- of Ramadan-Oorlog van 1973 duurde 20 dagen. De geloofwaardigheid van Tsahal, het machtige en prima uitgeruste Israëlisch leger, staat op het spel. Er is al gerommel onder de generaals, die van de luchtmacht maken verwijten naar die van de landmacht en omgekeerd."


Het Libanees verzet is heel wat hardnekkiger en beter georganiseerd dan Israël had verwacht, zegt Catherine. "Met zijn gekende arrogantie en koloniale mentaliteit dacht Israël snel komaf te kunnen maken met het "zootje ongeregelde moslimfanatici" van Hezbollah, maar het blijkt om goed gemotiveerde en voorbereide strijders te gaan, die de steun hebben van de bevolking. Met 10.000 militairen krijgt Israël de 1.000 verzetsstrijders van Hezbollah niet klein.



Een PDF-bestand over economische situatie in de bezette gebieden:




dinsdag 19 februari 2008

De Palestijnse kwestie raakt in de vergetelheid



Aan de Palestijnse kwestie hangt een vies Westers geurtje


door Ludo De Brabander


Gaza leek er voor gemaakt te zijn om te ontwikkelen tot een bloeiend haven en doorvoergebied, de toegangspoort van een toekomstig Palestina. Dat was voor 1948. De Naqba (‘catastrofe’) veranderde het stukje kustzone in een groot vluchtelingenkamp, zonder dat er ook maar enig perspectief kwam die hoop gaf op terugkeer van de vluchtelingen naar hun geboorteplaats en compensatie voor alles wat ze verloren hadden. Dat was nochtans wat de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties met resolutie 194 had besloten.


De jongste jaren heeft de Gaza een tweede gedaantewisseling ondergaan. Het vluchtelingenkamp kreeg meer en meer het karakter van een grote openluchtgevangenis. Sinds de ontruiming van de joodse kolonies en de daaropvolgende verkiezingsoverwinning van Hamas in januari 2006 is het economische en personenverkeer zo goed als stilgelegd. Israël heeft de Gaza hermetisch afgesloten. Met steun van de ‘internationale gemeenschap’ weigert Israël de rechtmatig aan de Palestijnen toekomende belastingsinkomsten te storten. Alsof dat nog niet genoeg is, legden de Verenigde Staten en de Europese Unie vervolgens een financiële boycot op waarvan iedereen op voorhand wist dat ze desastreuze gevolgen zou hebben voor de Palestijnse bevolking.

Wat doet Europa, de VS en in hun zog het belangrijkste deel van de media nu de Gaza in een grote chaos is beland? Wel, dat wat ze al altijd hebben gedaan, namelijk de schuld voor de problemen zo goed als exclusief op de schouders leggen van de Palestijnen zelf. Eerst was dat de PLO, onder leiding van Yasser Arafat, nu is dat Hamas. Nooit was er aan Palestijnse zijde een valabele gesprekspartner of het moet nu Mahmoud Abbas zijn, de lakei die alles zegt wat de VS willen horen. De constante in het internationale ‘beleid’ is dit conflict uit zijn context rukken: Hamas is een terroristische organisatie, zonder meer. Met zo’n discours is het onbegrip over het feit dat de meerderheid van de Palestijnen op een extremistische organisatie stemt die weigert Israël te erkennen, niet ver weg. Maar wie van ons stelde zich de vraag welk Israël er überhaupt erkend moet worden? Het Israël langs de groene lijn? Of het Israël aan de ‘goede’ kant van de muur, dus met Oost-Jeruzalem en de kolonies die op Palestijnse grond zijn gebouwd? Opeenvolgende Israëlische regeringen hebben sinds het uitroepen van de onafhankelijkheid bewust nagelaten de staatsgrenzen definitief vast te leggen, een politieke lijn die is uitgezet door Ben Goerion en nog steeds wordt voortgezet. De Israëlische premier Olmert verbergt trouwens helemaal niet dat de Palestijnse gebieden eigenlijk van Israël zijn en enkel demografische en strategische redenen hem ertoe nopen om delen ervan ‘af te staan’.

De Palestijnen moeten ook het geweld tegen de Israëlische staat staken. Maar welk volk laat zich gewillig opsluiten en zijn rechten ontnemen? Hebben we trouwens ooit op een ernstige manier gevraagd dat Israël met het geweld stopt? Geweld dat altijd wordt voorgesteld als een ‘reactie op…’. Waarom weigerden we Israël te dwingen om een einde te maken aan de brute militaire aanvallen in de Gaza vorig jaar die meer dan 600 doden hebben gemaakt en door mensenrechtenorganisaties en officiële instanties beschreven werden als ernstige oorlogsmisdaden. Zijn er wel nog politici bij ons die daarom malen? Durft de Belgische diplomatie, die maar al te goed weet hoe de vork echt aan de steel zit, tegen de VS in - de peetvader van Israël – zich achter het standpunt van het internationaal recht scharen? Zich de uitspraak van het internationaal gerechtshof in Den Haag waarin de bouw van de muur wordt veroordeeld, niet alleen eigen maken, maar ook er helpen voor zorgen dat het vonnis wordt uitgevoerd? We kunnen zowat een bibliotheek vullen met officiële en NGO-rapporten, die telkens opnieuw de bezettingspolitiek als belangrijkste oorzaak aanwijzen voor de spiraal van geweld en de ‘verelendung’ van de gewone Palestijn. In Westerse kringen worden ze echter straalweg genegeerd.

Maar het gaat om meer dan louter negeren. De VS en de Europese bondgenoten voeren een actieve politiek die de Palestijnse Bezette Gebieden het karakter van een ‘failed state’, een mislukte staat, moet geven. De ‘nieuwe regering’ onder leiding van premier Salam Fayyad krijgt opnieuw geld toegeschoven, terwijl ze niet gedekt is door een parlementaire meerderheid. Abbas heeft daarenboven aangekondigd dat hij de basiswetten wil aanpassen zodat hij niet langer langs het door Hamas gedomineerde parlement moet passeren. De bekende Midden-Oostenjournalist, Robert Fisk schreef in een cynisch artikel in de Britse krant The Independent (16/06): “Vandaag worden we verondersteld om te praten met onze trouwe politieman, Mr. Abbas, de ‘gematigde’ (zoals de BBC, CNN en FOX News hem noemen) Palestijnse leider, een man die een 600-pagina’s tellend boek over Oslo schreef zonder het woord ‘bezetting’ te vermelden en die altijd verwees naar het Israëlische ‘hergroeperen’ in plaats van ‘terugtrekken’, een leider die we kunnen vertrouwen omdat hij een das draagt en naar het Witte Huis gaat en altijd de juiste dingen zegt.” De Palestijnen kozen niet voor Hamas, aldus Fisk, omdat ze een islamitische republiek willen, maar omdat ze de corruptie van Abbas’ Fatah en de rotte natuur van de Palestijnse Autoriteit grondig beu waren.

Is dat de democratie waarover president Bush het in zijn project voor een ‘groter Midden-Oosten’ had? Vormt het bewapenen en trainen van de Fatah-veiligheidsdiensten een bijdrage tot de stabiliteit van de Palestijnse gebieden, waar we allemaal zo zouden naar verlangen? Wapens die in Gaza trouwens onmiddellijk in handen van Hamas zijn gevallen. Het stapeltje met domme fouten wordt elke dag groter. Deze politiek van ‘Divide et empira’ is een verrottingspolitiek, en kan eindelijk alleen maar nuttig zijn voor de bezettende Israëlische macht. Abbas wordt gesteund, niet omdat hij de Palestijnse zaak verdedigt, laat staan de Palestijnen vertegenwoordigt, maar omdat hij zich het best plooit naar de wensen van de onbreekbare Amerikaans-Israëlische as.

Een paar maanden geleden presenteerde de speciale VN-rapporteur voor de Mensenrechten, John Dugard, zijn rapport aan de VN-Mensenrechtenraad. Hij schreef dat de Gaza een belegerd en afgesloten gebied is geworden als gevolg van de economische sancties die Israël en het Westen aan de Palestijnse Gebieden hebben opgelegd. “Dit heeft een humanitaire crisis veroorzaakt, die zorgvuldig door Israël wordt beheerd. Israël straft de bevolking van Gaza zonder dat het Westen aan de alarmbel trok. Het gaat om de gecontroleerde wurggreep die blijkbaar binnen de genereuze grenzen valt van de internationale tolerantie”, aldus Dugard. Het rapport somt een hele reeks zware schendingen op van het internationaal recht en het internationaal humanitair recht waarvoor Israël verantwoordelijk is. Israël heeft oorlogsmisdaden begaan, zo stelt het rapport onomwonden. In een referentie aan het vroegere Zuid-Afrika stelt het VN-rapport nog: “Hoewel de twee regimes verschillend zijn, vertonen de wetten en praktijken van Israël in de Palestijnse Bezette Gebieden zeker gelijkenissen met aspecten van het Apartheidsregime”. So what? Israël is blijkbaar een speciaal geval en kan rekenen op een speciale behandeling. In dit dossier moeten we ‘pragmatisch’ zijn, zoals we dat al eens hebben moeten vernemen in onze diplomatieke kringen. Maar de speciale rapporteur ziet dat anders. Hij beschuldigt het kwartet (de VS, de Europese Unie, Rusland en de VN) van nalatigheid en hij noemt de Palestijnse Bezette Gebieden een test voor het Westen in haar engagement ten aan zien van de mensenrechten.

In het einde missierapport van de speciale VN-gezant voor het Midden-Oosten, dat al evenzeer – hoe opvallend – door quasi de hele pers en het politiek apparaat uit het publieke domein wordt gehouden (het gaat om een gelekt vertrouwelijk document), schrijft Alvaro de Soto dat de opstelling van het Kwartet, ‘catastrofaal’ was voor de Palestijnen, zowel in humanitair opzicht als op vlak van het verzwakken van de Palestijnse instellingen. Volgens de Soto, werd het Kwartet helemaal gedomineerd door de pro-Israëlische politiek van de VS met het doel “alle druk van Israël weg te nemen”. “Met alle aandacht voor de fouten van Hamas, bleef de Israëlische bouw van de kolonies en de constructie aan de muur onverminderd doorgaan.” De Soto spreekt zich uitermate negatief uit over de rol die de VS spelen in een kwartet dat zich opstelt als een “groep van vrienden van de VS”. Volgens hem moet de VN-Secretaris-Generaal nu maar eens ernstig overwegen of het nog langer zinvol is om lid te blijven van een dergelijk kwartet.

En zo zijn er de afgelopen maanden verschillende rapporten verschenen (Wereldbank, Internationale arbeidsorganisatie,…) die elk de vinger op de wonde leggen: het Westen draagt een ernstige verantwoordelijkheid voor de impasse, de chaos en de armoede waarin de Palestijnen zijn beland (zeven op tien Palestijnse gezinnen leeft in armoede). De teneur is overduidelijk: de isolatie waarin het democratisch verkozen Hamas is geduwd en de collectieve sancties hebben de zaken er alleen maar erger op gemaakt. En we weten dat, onze diplomaten en verantwoordelijke politici weten dat, ze lezen die rapporten wel degelijk. Kijken en zwijgen, schuldig verzuim heet zoiets. Als u het mij vraagt: aan de Palestijnse kwestie hangt een vies Westers geurtje.





Motie van Ontzetting! 40 jaar Israëlische bezetting van Gaza, Westoever en geheel Jeruzalem:


maandag 18 februari 2008

Nooit geef ik het recht op terugkeer naar Palestina op



Abdel Bari Atwan, hoofdredacteur van Arabisch dagblad al-Quds: nooit geef ik het recht op terugkeer naar Palestina op

Het Arabisch dagblad uitgegeven in London al-Quds (http://www.alquds.co.uk/), wat de Arabische naam is voor Jeruzalem. Het is een progressieve krant, met kantoren in London, New-York en Frankfurt. "We verzetten ons tegen het Amerikaans imperialisme en tegen de oorlog", zegt Atwan. "We verdedigen de strijd van de Derde Wereld voor zijn onafhankelijkheid en voor de toegang tot de technologie." 100.000 exemplaren gaan er dagelijks weg in Europa, de Verenigde Staten en in sommige Arabische landen. Maar in Marokko bijvoorbeeld is de krant verboden. De site krijgt gemiddeld 250.000 bezoeken per dag. Abdel Bari Atwan is een veel beluisterde en geliefde figuur in de Arabische wereld. Hij is geregeld te zien op tv-Al Jazeera en op 29 november vorig jaar ook in Brussel, toen hij daar op doorreis was. 800 mensen woonden zijn conferentie bij. Zijn sterk charisma heeft zeker te maken met zijn recht-voor-de-raap en moedig taalgebruik. Als lid van het Palestijns parlement, sinds 1990, schuwt hij de kritiek op de Palestijnse Autoriteit niet. De dag na zijn conferentie trokken we met hem naar de Arabische radio's in Brussel. Mensen herkennen hem op straat, komen hem begroeten. Een man telefoneert naar de radio: "Mijnheer Atwan, we luisteren met miljoenen naar u. U bent onze stem, onze fierheid, onze waardigheid! Zweer alstublieft dat u nooit verandert!" Waarop een geroerde Atwan reageert met: "Ik zweer dat ik, ondanks de druk en de dreigingen die ze op mij uitoefenen, altijd een van de uwen zal zijn".


Wat denkt u van de akkoorden van Genève?


Abdel Bari Atwan: Het belang dat de akkoorden krijgen heeft niets te maken met de personaliteiten die ze hebben tot stand gebracht, maar met het feit dat de Palestijnse kant er alle principes van de Palestijnse zaak heeft laten vallen, zoals het recht op terugkeer van de vluchtelingen, een echte Palestijnse staat enzovoorts. De staat waar de Akkoorden van Genève over spreken, is helemaal onderworpen aan de Israëli's!

Ik ben vluchteling en nooit zal ik het recht om naar mijn land terug te keren opgeven! Zelfs voor al het geld van de wereld niet! Hoe durven de Palestijnse leiders zo'n zware toegevingen doen in mijn naam? De Palestijnen zullen terugkeren naar Palestina, dat zweer ik je! Dat is de zin van ons bestaan. Maar in de Bezette Gebieden is er uiteraard niet genoeg plaats om alle vluchtelingen op te vangen. Wij willen best leven met de Joden, maar niet zonder onze rechten! Waarom mogen alle Joden van de wereld 'terugkeren' naar Israël en wij niet? En dan willen zij ons de les spellen over democratie?


De Palestijnen staan op het moment onder enorm sterke druk om het recht op terugkeer op te geven. Dat is de reden waarom er zoveel discussie en zoveel repressie is. Waarom worden er op het ogenblik discussies belegd in Madrid, Genève? Omdat Israël beseft dat het geduld van de Palestijnen opgeraakt, het is op zoek naar een uitweg. Israël heeft zijn repressie sterk opgevoerd, maar is er nooit in geslaagd het Palestijns verzet te breken. Vandaag bouwen ze een muur tussen Israël en de Bezette Gebieden. Dat is de muur van het racisme en van de haat. Hij weerspiegelt de verkrampte mentaliteit van Israël. Zal die muur hen beschermen? Neen! De Palestijnen sterven van honger, maar ze zullen zich blijven verzetten. In Zuid-Libanon hadden ze destijds ook een muur gebouwd, maar ook die heeft hen niet kunnen beschermen!


Het recht op terugkeer is de basis van de hele Palestijnse kwestie. 4 à 5 miljoen vluchtelingen worden uitgesloten van elke oplossing, wat een zware historische onrechtvaardigheid vormt. Het recht op terugkeer laten vallen staat gelijk met Israël voorgoed een wettigheid verlenen en zijn misdaden goedpraten: de vernietiging van de dorpen, de slachtingen,

U zegt dat we vandaag het gevaarlijkste moment uit de geschiedenis van de Palestijnse revolutie meemaken. Waarom?


Abdel Bari Atwan: Omdat Genève enorm veel verdeeldheid binnen het Palestijnse volk losmaakt. Genève wordt de basis voor alle toekomstige onderhandelingen. Het akkoord zal worden beschouwd als het maximum dat de Palestijnen konden bereiken, het wordt het startpunt voor nieuwe nog grotere toegevingen. Al die toegevingen, al die capitulaties dienen tot niets!


Waarom aanvaarden de Palestijnse leiders dat akkoord?



Abdel Bari: De Palestijnse leiders die aan de gesprekken in Genève hebben deelgenomen, spreken met een dubbele tong. Ze zeggen: "Ik wil niet met Sharon discussiëren". Maar wat gebeurt er in Genève, in Madrid? Het is geweten dat de Palestijnse leiders daar heel de tijd met een stylo rondliepen, bereid om om het even wat te tekenen.



Beilin, een vroegere Israëlische minister van Justitie, zei dat dit Akkoord de Joodse staat zal redden en dat het demografische overwicht van de Joden in Israël daarmee gegarandeerd is. Maar waarom steunt de vroegere Palestijnse minister van Informatie Rabbo dat dan? Waarom looft Arafat diens inspanningen? De Palestijnse Autoriteit wil haar hachje redden door het Palestijnse volk op te offeren. De onderhandelingen zijn slecht voor ons verzet. Terwijl het volk in de verschrikkelijke omstandigheden van een bezetting leeft, met de dagelijkse vernederingen, gaan de leiders op zoek naar kleine voordelen, zoals hun bewegingsvrijheid. Israël krijgt het enorm moeilijk in Palestina, alleen door het verzet. Niet door Arafat.

Bestaat de tactiek van Arafat er niet in dat hij Sharon wil isoleren?


Abdel Bari: Als dat zo is, speelt hij op de lotto! Het gevolg van de akkoorden kan rampzalig zijn. Israël trekt zich het lot aan van alle Joden, waar ook ter wereld. Waarom doen de Palestijnse leiders niet hetzelfde voor alle Palestijnen? Wij hebben niet gekozen om ons land te verlaten. De Israëli's hebben mensen gedood om ons te terroriseren, om ons te dwingen onze huizen en onze gronden achter te laten!


Wij eisen een publiek proces in alle vluchtelingenkampen, voor alle Palestijnse politici die afzien van het recht op terugkeer en de andere basisprincipes van onze zaak. Wij hebben de leiders niet het recht gegeven om in onze naam te onderhandelen en om onze rechten te verkwanselen. Want het Palestijnse volk moet het referentiepunt en de bron zijn van elk gezag. Ons volk verdient deze vernedering niet, na zoveel opofferingen en heldhaftige daden.



Maar zijn de akkoorden van Genève niet het enige realistische perspectief?



Abdel Bari: De akkoorden komen er op het moment dat de Amerikanen in de problemen geraken in Afghanistan en in Irak. De snelle evolutie van dit moment komt Israël helemaal niet goed uit. De sympathie voor Israël in Europa is in vrije val. 60 procent van de Europeanen denken dat Israël een groot gevaar vormt voor de vrede in de wereld. Binnen de Israëlische samenleving nemen de tegenstellingen hand over hand toe: voormalige chefs van Shin Beth (de dienst voor binnenlandse veiligheid) verzetten zich openlijk tegen de politiek van Sharon, soldaten weigeren dienst te doen in de Bezette Gebieden, enzovoorts. Al die veranderingen zijn geen toeval maar het resultaat van het Palestijns verzet, van de internationale solidariteit, van de vreselijke misstap van de VS in Afghanistan en in Irak en van de onmenselijke houding van Israël in Palestina.

De armoede onder de Arabieren is erg groot. Waar zit het geld van de olie? Wie gaat daarmee lopen? Waarom hebben de Arabische landen zoveel schulden als ze toch zoveel olie hebben?


Abdel Bari: In die omstandigheden, na al die positieve evoluties moeten de Palestijnse leiders de onderhandelingen onmiddellijk stopzetten. Leiders als Rabbo zijn heel zwak, ze zouden veel sterker moeten zijn in plaats van op al de uitnodigingen zomaar in te gaan. Mij hebben ze een ministerpost aangeboden, maar ik wil geen minister zijn van een Autoriteit zonder gezag of macht.



Het Palestijnse volk is zeer bewust en tot veel offers bereid, het heeft de voorbije jaren al 4.000 martelaren geofferd. Ondanks extreme armoede, klaagt het nooit en gaat het door met zijn verzet. Het probleem zit bij de politieke leiders die het recht van het volk in de steek laten. De strijd is begonnen in de kampen. Ik ben geboren in een tent in een van de kampen. Wij hebben het recht op terugkeer nodig, dat is nog belangrijker dan een eigen staat.



De Amerikaanse media, en in hun spoor ook de Europese, bestempelen het Palestijns verzet als terroristisch. Uw reactie?



Abdel Bari: Arafat, Mugabe, Mandela en een hele reeks anderen kregen allemaal die titel. Waar het echt om gaat is dat je weerstand biedt en dat je onze nationale en morele principes consequent blijft verdedigen. Sharon wil nu kost wat kost onderhandelen. Alleen het verzet heeft hem veranderd.


Hoe beoordeelt u het verzet in Irak?



Abdel Bari: We moeten in de eerste plaats erkennen dat dit verzet heel reëel is. De Amerikanen beweren wel dat het land onder controle is, maar Bush moest als een dief in de nacht een bezoek brengen aan Bagdad, nadat hij 30 uren in de lucht was gebleven. Hij had het zelfs niet aan zijn eigen vrouw verteld. Op de luchthaven van Bagdad werden alle lichten gedoofd, ze leek wel een militaire burcht. Dat weerspiegelt de reële kracht van het verzet. Als hij echt een overwinnaar was, dan zou hij in volle daglicht gekomen zijn, dan zouden de mensen op straat gedanst hebben. Maar Bush was na amper twee uur weeral verdwenen. Dat zegt alles over de terreur van deze president. 150.000 soldaten zijn niet in staat om hun president te beschermen. Hoe zouden ze heel Amerika dan kunnen verdedigen?


Heeft het vroegere regime het verzet voorbereid?



Abdel Bari: Persoonlijk was ik aangenaam verrast dat Irak, na 12 jaar embargo en na de vorige oorlog, nog zes weken heeft teruggevochten. Ik had verwacht dat het al na een paar dagen in elkaar zou storten, hun kracht heeft me echt verbaasd.

Saddam Hussein heeft vijf brieven naar onze krant geschreven. Hij verwittigde ons daarin dat het verzet toen al op poten werd gezet. De Iraakse leiding heeft instructie gegeven dat vanaf een bepaald moment iedereen zijn plan moest trekken en in de clandestiniteit gaan. Ze hadden wel degelijk een goed uitgewerkt plan!



De Verenigde Staten willen nu heel snel het gezag overdragen aan Irakezen. Is dat een goede zaak?



Abdel Bari: Bush beseft dat deze oorlog zijn kansen bij de volgende verkiezingen in gevaar brengt, daarom wil hij de macht aan Irakezen overdragen. Maar hoe kan hij hen de macht geven die hij zelf niet heeft? Dit is geen oorlog tussen beschavingen of godsdiensten. Dit is een oorlog van de Verenigde Staten!


De Verenigde Staten zitten diep in de problemen in Irak. Het Iraakse verzet heeft de Amerikaanse plannen vernietigd. Wij moeten dat verzet voluit steunen, ook dat van de ezels1. Want als dat verzet er niet was geweest, dan stonden de Amerikanen nu al in Damascus en Teheran.


De VS hebben een systeem met collaborateurs uitgewerkt. Maar het verzet in Irak is zelfs effectiever dan het Vietnamese gedurende de drie eerste maanden van de oorlog. Het krijgt geen enkele steun van de Arabische regimes, want die heulen samen met de VS. En toch krijgen de Amerikanen zelfs Bagdad niet onder controle. In Irak is een hele rist veiligheidsdiensten actief. Het zou mij niets verbazen als de Mossad (Israëlische veiligheidsdienst) of de CIA aanslagen plegen tegen burgers.



Hoe belangrijk is de solidariteit in het Westen?



Abdel Bari: Zestig procent van de Europeanen beschouwt Israël als het grootste gevaar. Dat komt zeker door de betogingen, acties, debatten, enzovoorts. Al die initiatieven lijken misschien druppels in de oceaan, maar ze hebben resultaat. 25 jaar geleden kreeg onze strijd minder steun!


Vanwaar al die haat in de Arabische wereld tegen Westerse regeringen?

Abdel Bari: Waar zit het geld van de petroleum? Waarom hebben de Arabische landen, ondanks al hun rijkdommen, zoveel schulden? Waarom mogen wij ons gedacht niet zeggen? Dat zijn de redenen van de aanslag van 11 september. Vandaag willen alle Arabieren de Amerikanen bevechten waar ze maar kunnen. Irak is nu het slagveld geworden. We zijn nu tot een Arabische, islamitische en zelfs nog bredere eenheid gekomen. Dat is geen toeval. De wereld is het beu dat hij niet de kans krijgt zich te ontwikkelen. De oorzaak: de VS.



Nu doen de mensen hun mond open. Ze zeggen eenvoudige waarheden. De Arabische regimes hebben schrik maar zijn krachteloos. De Arabische volkeren zien het verzet bezig en ze begrijpen onmiddellijk de inzet: de verdediging van Palestina en van de Arabische volkeren. Dit is geen oorlog van beschavingen noch een godsdienstoorlog! Dat is fout! Dit is een oorlog tegen de VS!



Wat denkt u over de Arabische media?



Abdel Bari: Er beweegt van alles in de Arabische media. Ze zijn een nieuw fenomeen: televisies en andere media in Europa nemen nu sommige reportages van bijvoorbeeld Al Jazeera over. Vroeger voelden de Arabische media zich minderwaardig tegenover de Westerse. Dat is voorbij.


Toch krijgen de Arabische media geen vrij spel van de regimes. Onzichtbare krachten proberen ze te controleren en te sturen. De VS betalen een miljard dollar, alleen om de media te manipuleren! Waarom willen ze kost wat kost een vrije informatie verhinderen? Waarom arresteren ze journalisten van Al-Jazeera en bombarderen ze hun kantoren in Kabul en Bagdad? De Amerikanen hebben een nieuw tv-kanaal opgericht. Onze rol is echte informatie en opinies weer te geven en het hoofd te bieden aan de nieuwe kolonisering. En onze rol als journalist bestaat erin dat we ons een eigen mening moeten vormen en de medialeugens weerleggen.

1 Hij verwijst naar de ezels die werden gebruikt om raketten te vervoeren en de fouilleringen te omzeilen.


De Akkoorden van Genève:

De Akkoorden van Genève werden op 1 december 2003 ondertekend in de stad met dezelfde naam. Het akkoord is uitgewerkt door Israëlische en Palestijnse personaliteiten zonder een politiek mandaat, zoals Yossi Beilin en de vroegere voorzitter van de Israëlische Arbeiderspartij Amran Mitzna aan de ene kant en Rabbo, ex-minister van de Palestijnse Autoriteit en medestander van Arafat aan de andere kant.


Wat stelt het akkoord voor?




  • de oprichting van een Palestijnse staat op het terrein van de Bezette Gebieden (ongeveer 6.000 km2). 2,5 procent van de Westelijke Jordaanoever (waar ook grote Joodse nederzettingen liggen) wordt daarentegen aangehecht bij Israël. De Palestijnse staat krijgt ter compensatie een even grote uitbreiding van de Gazastrook.


  • Deze Palestijnse staat wordt gedemilitariseerd. Alleen de veiligheidstroepen mogen er wapens dragen om de openbare orde te bewaken


  • Oost-Jeruzalem wordt de hoofdstad, maar sommige wijken met Joodse kolonisten blijven onder Israëlisch gezag


  • Het Israëlisch leger trekt zich helemaal terug uit de Westelijke Jordaanoever, binnen de 36 maanden, maar het behoudt er militaire basissen


  • De Joodse kolonisten in de Bezette Gebieden die niet bij Israël worden ingelijfd, worden geëvacueerd


  • Het recht op terugkeer voor de Palestijnse vluchtelingen wordt overgelaten aan de goede wil van Israël. In feite wil dat zeggen dat het recht op terugkeer, dat nochtans is vastgelegd in de VN-resolutie 194, wordt losgelaten. De vluchtelingen krijgen het recht om zich in de Palestijnse staat te vestigen of om schadeloos te worden gesteld.


  • Er wordt met geen woord gerept over de Palestijnen die nu in Israël leven. Ze worden nu behandeld als burgers van de tweede zone. De Akkoorden aanvaarden het principe van een zuiver Joodse en racistische staat in het hart van de Arabische wereld (ongeveer hetzelfde als wanneer blanken ergens in Afrika een zuiver blanke racistische staat zouden vormen).